Guldensporenslag

Musik ist eine Kunstgattung, deren Werke aus organisierten Schallereignissen bestehen. Zu ihrer Erzeugung wird akustisches Material, wie Töne und Geräusche innerhalb des für Menschen hörbaren Bereichs, geordnet.

Die Aufrüstung ist erst mal abgeschlossen Wolfgang Back. Morgen legen wir wieder eine Sonderschicht ein. Der Rationalismus des

Navigationsmenü

Explore world landmarks, discover natural wonders, and step inside locations such as museums, arenas, parks and transport hubs.

Toen de Fransen zagen dat hun ridders werden afgeslacht, sloegen zij op de vlucht. Slechts op het einde werden enkele Franse ridders, zoals Raoul de Grantcourt , gevangengenomen uit respect voor zijn dapperheid en in bescherming genomen door een Vlaamse ridder. Hij werd door Willem van Gulik overgedragen aan de Gentenaar Jan Borluut , die dan het losgeld kon innen.

De laatste Franse reservetroepen, onder leiding van de graaf van Saint-Pol, de graaf van Boulogne en Louis van Clermont konden de beken niet meer oversteken omdat de Vlamingen er alweer klaar stonden in gesloten gelederen.

Maar ze vielen niet meer aan. De Bruggelingen zagen dit, staken de Grote Beek over en vielen de Franse ruiters aan. Sommigen, onder leiding van Jean le Brun de Brunembert verdedigden zich maar werden afgemaakt. De rest sloeg op de vlucht. Velen werd de pas afgesneden en zij werden gedood. Anderen, zoals de leliaard Willem van Mosscher , werden tot aan hun kamp aan de Pottelberg achtervolgd en afgemaakt.

De enkele Brabantse ridders, die onder de opstandige Godevaart aan de zijde van de Fransen hadden meegevochten, probeerden nog hun leven te redden door te roepen " Vlaanderen ende Leu ", maar Gwijde van Namen beval ze allen te doden. Hun lijken werden verminkt. De overgebleven Fransen vluchtten nu in paniek.

Velthem beschreef dat ze gevolgd werden tot tien kilometer van het slagveld. Ze werden opgejaagd tot Dottenijs , Zwevegem en Sint-Denijs met nog talrijke doden, zowel voetvolk als ruiters, tot gevolg. De poorten van Doornik werden gesloten, zodat de Fransen er geen toevlucht konden zoeken. In die tijd gold diegene die overnachtte op het slagveld, als de winnaar. De Abdij van Ename leverde broden voor de hongerige strijders.

De volgende dag werd het verbod opgeheven om de lijken te plunderen. De Vlamingen vonden op het slagveld — volgens de versie van Hendrik Conscience — minstens vijfhonderd vergulde sporen, vandaar de moderne naam van de slag. Enkel adellijke ridders konden zich de aankoop van vergulde sporen veroorloven.

Andere ruiters droegen gewone ijzeren of verzilverde sporen. Maar ook nog tot in hingen er paar gulden sporen in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Kortrijk, samen met de buitgemaakte banieren en wimpels. Het lijk werd gevonden door een minderbroeder uit Atrecht , die het begroef in het klooster van Groeninge.

Hij had dertig verwondingen vastgesteld op het lijk. Zelfs zijn tong was uit de mond gesneden. De Franse adel verloor een zestigtal baronnen en heren, honderden ridders en meer dan duizend schildknapen. Ook de Franse tros viel in Vlaamse handen. Er zijn ten minste vijftien eigentijdse kronieken bekend die deze veldslag beschrijven, waarbij er belangrijke verschillen zijn naargelang de Vlaamse of de Franse versie.

Deze gebeurtenissen werden vanaf uitvoerig beschreven in ongeveer verzen in het Middelnederlands door de Brabantse geestelijke Lodewijk van Velthem in het vierde boek van het vijfde deel van het boek Spiegel Historiael. Dit boek werd eind dertiende eeuw in het Middelnederlands vertaald en bewerkt door de Damse dichter Jacob van Maerlant en bijgestaan door een lokale klerk Filip Utenbroeke.

Het is goed mogelijk dat hij een eerdere bron heeft gebruikt en bewerkt zonder de auteur te vernoemen. In die tijden werd geen belang gehecht aan auteursrecht of plagiaat. Lodewijk van Velthem wijst er trouwens op dat voor het vierde boek ook ooggetuigenverklaringen werden gebruikt.

Dit draagt bij tot de authenticiteit van zijn verslag. Anderzijds werden er in Frankrijk verschillende teksten geschreven waarin er werd gereageerd op de "leugens" in de Vlaamse teksten om aldus hun nederlaag wat te verbloemen.

Een andere eigentijdse bron, geschreven in de periode tussen en , zijn de Annales Gandenses van een anonieme auteur die zich een "Gentse minderbroeder" noemt.

Deze annalen behandelen met een grote zin voor nauwkeurigheid de periode , met hierin belangrijke gebeurtenissen zoals de Brugse Metten 18 mei , de Guldensporenslag 11 juli , de Slag bij Pevelenberg 18 augustus en de Slag bij Zierikzee augustus Deze minderbroeder was waarschijnlijk een rechtstreekse getuige van deze gebeurtenissen omdat minderbroeders vaak aanwezig waren op het slagveld.

De Florentijn Giovanni Villani beschreef deze veldslag in zijn Historie Fiorentine , geschreven voor datum van zijn overlijden door de pest. Hij was aanwezig in Vlaanderen als agent van het machtig huis der Peruzzi 's in Florence , waarschijnlijk om de boeten te innen, opgelegd door het Verdrag van Athis-sur-Orge in Hij heeft misprijzen voor de Vlaamse ambachtslieden. Hij noemt ze 'konijnen gevuld met boter' Conigli pieni di burro , het laagste gespuis dat slechts denkt aan eten en drinken.

Maar hij heeft evenmin goede woorden voor Filips de Schone of de Dampierres. Jacobus Meyerus schreef voor zijn Historiae een levendig, volgens de humanistische conventies gesteld verslag van de 'Slag bij Kortrijk' uit Meerdere kronieken vermeldden de dood van talrijke 'vergulde sporen' als synoniem van ridders.

Jean Froissart was omstreeks de eerste die vertelde over de aanwezigheid van vergulde sporen in de Onze-Lieve-Vrouwekerk. Vanaf dan kwam deze benaming courant voor. Hierna vond de benaming "Guldensporenslag" algemeen ingang. Zeven dagen later werd paus Bonifatius VIII 's nachts te Rome gewekt om hem mee te delen dat voor de eerste maal in de geschiedenis een leger van bijna uitsluitend voetvolk een leger van ridders had verslagen.

Deze overwinning op het sterkste ridderleger van Europa door voetvolk betekende het begin van het einde voor ridders als militaire kaste. In de 13de en 14de eeuw werden meerdere conflicten tussen adel en opkomende burgerijen uitgevochten.

Een eerder wapenfeit, hoewel op kleinere schaal, vond plaats in Noord-Nederland als de Slag bij Ane in , waarin Drentse boeren het leger van de bisschop van Utrecht versloegen. Later in die eeuw volgden de overwinningen van het infanterieleger van het Zwitserse Eedgenootschap in , op het Habsburgse ridderleger.

De graaf van Vlaanderen bleef onafhankelijker dan de andere Franse leenmannen, maar de Franse koning verstevigde zijn gezag en de graaf boette een deel van oude verworvenheden in. Het is pas na de Bourgondische eenmaking en de Honderdjarige Oorlog dat Vlaanderen uit het Frans leenverband werd gelicht, wat een definitief beslag vond in met de Vrede van Augsburg. De overwinning op de edelen droeg bij aan de groeiende macht van de burgerij.

Gilden eisten, en kregen, het stadsbestuur in handen. In Utrecht gebeurde dat op 8 mei Er bestonden veel contacten tussen Vlaanderen en Utrecht. Het jaarlijks opnieuw vieren van deze veldslag verspreidde zich vanuit het oorspronkelijke "Vlaanderen" De Vlaanders naar de rest van het huidige Vlaanderen met Antwerpen, Vlaams-Brabant en Limburg die historisch gezien een kleinere rol speelden in de slag.

Het conflict was veel complexer dan enkel de Vlamingen tegen de Fransen zoals vaak gedacht wordt. De viering van de Vlaamse Feestdag veranderde verschillende malen van betekenis: Dit boek leverde een belangrijke bijdrage tot de grotere bekendheid van de Guldensporenslag bij het grote publiek.

Nochtans schetst het werk een zeer geromantiseerd beeld van de strijd en inmiddels zijn via historisch onderzoek bepaalde elementen uit het boek foutief gebleken. Alhoewel de Vlaamse Beweging de roman vaak als een symbool voor de Vlaamse ontvoogdingsstrijd gebruikt schreef Conscience het boek destijds in feite om het Belgisch patriottisme aan te wakkeren.

In het bekende 'Voorwoord' van het boek vraagt Conscience respect voor de Nederlandse taal en voor de Vlamingen binnen de Belgische staat, 'die men niet tot Walen mag maken. Tot op vandaag geldt in vele Vlaams-nationalistische kringen de Guldensporenslag als symbool voor de vele taalstrijden tussen Vlamingen en Franstaligen.

Van een taalkwestie was in die tijd nog geen sprake. Het was dus zoals reeds vermeld een louter feodaal geschil. De allianties en rivaliteit van toen zijn dus helemaal niet te vergelijken met die van vandaag. Maar het enigszins aangepaste verhaal paste in de negentiende-eeuwse romantiek van een jong land op zoek naar helden in een lang en glorieus verleden.

Er moet echter gewezen worden op het feit dat het hertogdom Brabant niet aan Franse zijde meevocht. Bronnen die het hertogdom Brabant als Franse bondgenoot vertegenwoordigen, hebben het eigenlijk op een kleine groep Brabantse ridders onder leiding van Godevaart van Brabant en zijn zoon Jan Van Vierson.

Godevaart, die een zeer slechte relatie had met zijn neef, hertog Jan II van Brabant , was van plan om na de Guldensporenslag met Franse steun Jan II van de troon te stoten en zo het Hertogdom Brabant onder Franse invloed te brengen. Godevaart sneuvelde echter in de slag. Er moet ook opgemerkt worden dat er Brabantse ridders meestreden met de Vlamingen, waaronder Goswin van Gossenhoven die afkomstig was uit de streek van Tienen.

Ook Walen en troepen uit het graafschap Loon waren van de partij. Bovendien sloot Brabant zich acht jaar eerder, in aan bij het anti-Franse verbond. Onmiddellijk na de Guldensporenslag trokken Vlamingen en Brabanders zij aan zij op tegen Henegouwen en belegerden ze samen de stad Dordrecht van het Graafschap Holland , omdat Holland wel een bondgenoot was van Frankrijk.

Indien de Vlamingen de slag te Kortrijk verloren hadden, was het lot van Brabant op termijn ook beslist in het nadeel van Brabant. De feestelijkheden ter gelegenheid van de e verjaardag van de slag in waren zowel een landelijke als Vlaamse aangelegenheid. Het Groeningemonument van de hand van de beeldhouwer Godfried Devreese , dat oorspronkelijk in zou ingehuldigd worden, was pas vier jaar later klaar en werd op 5 augustus plechtig onthuld.

In was er alleen een proefbeeld te zien. De Groeningepoort werd in in Andense steen opgetrokken en draagt als opschrift ' — Groeningheveld'. Pas na de Tweede Wereldoorlog kreeg de datum gaandeweg een exclusief Vlaamse betekenis. De animositeit nam toe in het begin van de jaren zestig, toen de taalgrens vastgelegd werd.

Van tot werd er in Kortrijk elk jaar een taalstoet georganiseerd. Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie. Slag bij Kortrijk Guldensporenslag. Houtsnijwerk op paneel van de Kist van Oxford of Chest of Courtrai. Vlaamse troepen tijdens de Guldensporenslag.

In het midden staan mannen met hun goedendag. Froissart , Chroniques , ed. Tijdschrift over middeleeuwse letterkunde in de Nederlanden.

Feyerabend Frankfurt dl. Geschiedschrijving in de Nederlanden Biekorf , , nr. Zie de categorie Battle of the Golden Spurs van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp. Overgenomen van " https: Lokale afbeelding gelijk aan Wikidata Wikipedia: Artikel mist referentie sinds september Wikipedia: Artikel mist referentie sinds juli Wikipedia: Commonscat met lokaal zelfde link als op Wikidata Wikipedia: Weergaven Lezen Bewerken Geschiedenis. Informatie Gebruikersportaal Snelcursus Hulp en contact Donaties.

Hulpmiddelen Links naar deze pagina Verwante wijzigingen Bestand uploaden Speciale pagina's Permanente koppeling Paginagegevens Wikidata-item Deze pagina citeren. In andere projecten Wikimedia Commons. Deze pagina is voor het laatst bewerkt op 1 jan om Zie de gebruiksvoorwaarden voor meer informatie. Bauer - Raubling [D] Bauer Spedition - div.

Grosjean Transport - Thimister [B] W. Distribution - Greve [DK] Jeanneret s. Transportes - Viseu [P] J. Märgen [D] Kaiko Transporte - St. Veiter Gütertrans - St. Spedition GmbH - div. Mennel - Lingenau [A] J. Trans - Praha [CZ] Okialos s. Trans Logistica - Villanova di Camposampiero [I] pe. Steinhart - Sigmaringendorf [D] Steinkühler int. Tanzer - Goldrain [I] E. Kothmaier - Mondsee [A] Krall - St. Brandenberger - Schaffhausen [CH] A.

Hummel transporte - Zernez [CH] H.

Copyright © 2017 · All Rights Reserved · Maine Council of Churches